Nymphaea alba
Linnaeus, 1753

Nymphaea alba
Foto: DerHexer (Own work) [CC BY-SA 3.0], via Wikimedia Commons

IDENTITEIT: orde: Ranunculales; familie: Nymphaeaceae.
EERSTBESCHRIJVING: Door Linnaeus, in 1753, als Nymphaea alba, in Species plantarium: 510
SYNONIEM:
NEDERLANDSE NAAM: Waterlelie
MAXIMALE GROOTTE: 2,5 m, vanaf de bodem gemeten.
Bloemdoormeter - afhankelijk van de plantdiepte - tot 18 cm.
HOUDBAARHEID: De planten zijn gevoelig voor insekten- en slakkenvraat. Cultivars met ronde wortelstok of blauwe bloemen zijn niet winterhard en moeten binnenshuis op 5įC tot half mei overwinteren. Miniatuurvormen - minder dan 40 cm worteldiepte - moeten als niet winterhard behandeld worden of in de herfst dieper geplaatst. Wonden rotten wel 10 cm in, zo ze niet in de zon gedroogd worden. Daartoe laat men de plant 24 uur, met de wonde 3 cm boven de waterspiegel, drijven. Voorzichtig dichtschroeien op een kookplaat kan ook. Daarna de holten met houtskoolpoeder of blauwe klei afdichten. Een plant met wortelrot moet verwijderd worden, dit wegens het besmettelijke karakter van de aandoening.
PLANTENRIJK
R f I 26
       
Milieu Vijver Vermeerdering
Zuurtegraad pH 7 - 8 7 - 8

Biotoop: zaden

Vijver: zaden of in de lente afgesneden groeipunten

Totale hardheid °DH 12 12
Temperatuur °C
Geleidbaarheid µS
VERSPREIDING: EuraziŽ, subtropen rond de Middellandse Zee
Kaart voorkomen
BIOTOOP: Grote diepe natuurlijke plassen in tropen en gematigde streken van het noordelijk halfrond
GEDRAG: ln volle grond geplant, gaat de plant vlug woekeren. ln mandjes, bakjes of netjes geplant, kan men de groei beheersen
BODEM: Mengsel van leem en fijn verdeelde (gesuspendeerde) blauwe klei. Zoniet 30% zand innig vermengen met 70% klei. ln een betonnen of folievijver moet men, bij het gebruik van gewone tuingrond, onder de 30 cm dikke bodemlaag een goed doordringbare steenlaag leggen, welke men met een fijnmazig net of doek van de teeltlaag scheidt. Dit voorkomt een ophoping van gassen, welke de bloei beletten.
LICHT: Veel direct zonlicht. De groeipunten aan de wortelstok moeten in de lente licht krijgen. ln mandjes geplaatste planten kan men na de vorst ondiep plaatsen en na de uitgroei stelselmatig naar dieper water overbrengen.
VERMEERDEREN: Recuperatie van natuurlijke zaailingen. Het afsnijden van groeipunten op minimum 8 cm van de aanzet en het toepassen van de wondbehandeling. Er mogen absoluut geen wortels verwijderd of ingekort worden. De recuperatie van natuurlijke zaailingen is wel het eenvoudigst.
BIJZONDERHEDEN: N. alba "Rubra" is een uit Noord-Amerika afkomstige natuurlijke roze variant. De meeste cultivars zijn varianten of bastaarden van N. alba en N. odorata
Bij de aanschaf moet men vooral letten op wonden, insektevraat en rottingsverschijnselen (zwarte vlekken op de wortelstok).
Bewerkt door:
F. Verbeeck, januari 1993
Laatst bijgewerkt op: 17-08-2016
   naar Aquariumwereld Delen - Mailen - Bewaren
AANGEBODEN DOOR
AQUARIUMWERELD
UW MAANDBLAD VOOR AQUARIUM- EN TERRARIUMKUNDE