Valenciennea puellaris
(Tomiyama, 1956)

Valenciennea puellaris
Foto: Harry Voet

IDENTITEIT: orde: Perciformes; familie: Eleotridae.
EERSTBESCHRIJVING: In 1956, als Eleotriodes puellaris, door Tomiyama, in Fig. and desc. fishes of Japan (52-55):1136.
SYNONIEM:
NEDERLANDSE NAAM:
MAXIMALE GROOTTE: 12 cm
GESLACHTSONDERSCHEID: "Dr. Burgess's Atlas of Marine Aquarium Fishes" geeft op p. 566 twee foto's van deze soort.
Op de rechtse vertoont de vis 7 rode dwarsstrepen op het lichaam en dit boven de rode lengtestreep, iets wat bij mijn twee vissen nooit te zien was. Er is niet vermeld of het om het geslachtsonderscheid, dan wel om een kleurvariant gaat.
HOUDBAARHEID: Eťn van mijn vissen hield ik iets meer dan ťťn jaar, wat niet zo schitterend is. De keel zwol geleidelijk op en de kieuwdeksels stonden meer open, mogelijk door een gezwel, wat echter niet kon vastgesteld worden, daar op zekere dag de vis "spoorloos verdween". Het dier was vermagerd, waarschijnlijk door de volledige afsluiting van de keel. lk vermoed een jodium-tekort als oorzaak, want twee CauIerpa-soorten en groene draadalgen tieren welig in de bak en nemen vermoedelijk alle jodium meteen op. Een lipvissoort, Cirrhilabrus rubriventralis, vertoont overigens dezelfde verschijnselen.
DIERENRIJK
Z h XXXIV 25
       
Milieu Aquarium Kweek
Zuurtegraad pH 8,0 - 8,3 7,8 - 8,4
Dichtheid 1,024 1,022 - 1,026
Temperatuur °C 26
VERSPREIDING:
Kaart voorkomen
BIOTOOP: Zandbodems nabij koraalriffen
GEDRAG: Zwemt langs de bodem of rust op zijn buikvinnen. Voortdurend wordt een mondvol zand opgehapt en al "mummelend" langs de kieuwspleten weer naar buiten gewerkt.
Aanvankeiijk had ik twee exemplaren, die ik nooit heb zien vechten, maar toch liet het iets kleinere zich nauwelijks zien, raakte achter de polyesterwand verzeild en sprong enkele dagen later langs een opening in de dekruit er bovenop (uitgedroogd gevonden). Mogelijk dus toch wel degelijk territoriumvormend. Tegenover alle andere vissoorten zijn ze volkomen vreedzaam.
VOEDSEL: In de natuur allerlei ongewervelden die zich in het bodemzand ophouden. Leert in het aquarium vrij snel mee eten van alleriei dierlijk voer, op voorwaarde dat het om kleine brokjes gaat.
KWEEK:
BIJZONDERHEDEN: Door het uitzeven van het zand, bracht het dier aanvankelijk een massa zweefvuil in het water, doch toen dit na enkele dagen uitgefillterd was bezat ik een kraakzuivere en voortdurend omgewerkte zandbodem. Deze soort is hierdoor m.i. nuttig in het aquarium. Daar de zandbodem te dun was om er een hol in te graven, werd 's avonds een berg zand opgestapeld achter een obstakel tegen de achterwand, waama de vis er in verdween tot 's anderendaags. Dan werd de hoop weer min of meer uitgespreid. Later sliep hij in een holletje onder een steen en wierp geen zandhoop meer op.
Bewerkt door:
Harry Voet, maart 1992
Laatst bijgewerkt op: 20-11-2016
   naar Aquariumwereld Delen - Mailen - Bewaren
AANGEBODEN DOOR
AQUARIUMWERELD
UW MAANDBLAD VOOR AQUARIUM- EN TERRARIUMKUNDE