Cleithracara maronii
(Steindachner, 1881)

Cleithracara maronii
Foto: Arend van den Nieuwenhuizen.

IDENTITEIT: orde: Perciformes; familie: Cichlidae.
EERSTBESCHRIJVING: In 1881, door Steindachner, als Acara maronii, in Kaiserl. Akad. Wissenschaf, Wien, Math-Naturwissenschaft. 43: 103-146
SYNONIEM: Aequidens maronii.
NEDERLANDSE NAAM: Sleutelgatcichlide.
MAXIMALE GROOTTE: 10cm. Blijft in het aqaurium kleiner.
GESLACHTSONDERSCHEID: Weinig verschil tussen de geslachten. De typisch verlengde rugvin en anale vin loopt zeer spits uit bij de man, bij het vrouwtje zijn deze eerder afgerond.
HOUDBAARHEID: Zeer goed houdbaar, kan zelfs in een middelgroot aquarium (minstens 1 meter), met goede vegetatie en veel schuilplaatsen. Samen houden met rustige vissen.
Ze houden van heel helder water met veel kienhout zodat ze over veel schuilplaatsen beschikken. Bij het minste gevaar duiken ze er tussen om, na een poosje, als het gevaar geweken is, opnieuw te voorschijn te komen.
DIERENRIJK
Z h XXXIV 68
       
Milieu Aquarium Kweek
Zuurtegraad pH 6 - 7 6 - 7
Totale hardheid °DH 5 - 10 5 - 10
Temperatuur °C 22 - 25 24 - 26
Geleidbaarheid µS
VERSPREIDING: Noorden van Zuid-Amerika, Suriname, Guyana, Orinoco rivier.
Kaart voorkomen
BIOTOOP: Bewoont kleine kreken met helder water en weinig stroming met veel rottend hout wat voor veilige schuilplaatsen kan zorgen.
GEDRAG: Een van de meest vredige cichliden. Graaft niet en laat de planten met rust.
VOEDSEL: Levend voer, Tubifex, muggenlarven. Voor jongere exemplaren Artemia. Ook droogvoer wordt genomen.
KWEEK: Eenvoudig. Het vrouwtje legt 400 tot 600 eitjes, bij voorkeur op een platte steen. Na een dag of 3 - 4 komen de larfjes uit. Beide ouders bewaken eieren en larven. Opkweken met pas uitgekomen Artemia naupliŽn.
BIJZONDERHEDEN:
Bewerkt door:
John Detaellenaere, augustus 2018
Laatst bijgewerkt op: 27-08-2018
   naar Aquariumwereld Delen - Mailen - Bewaren
AANGEBODEN DOOR
AQUARIUMWERELD
UW MAANDBLAD VOOR AQUARIUM- EN TERRARIUMKUNDE