Poecilia sphenops
Valenciennes 1846

Poecilia sphenops
Foto: A. van den Nieuwenhuizen

IDENTITEIT: orde: Atheheriniformes; familie: Poecilia.
EERSTBESCHRIJVING: In 1846, door Achille Valenciennes als Poecilia sphenops in Cuv. 8. Val., Hrst. Nat. Porssons 18:505.
SYNONIEM: Mollienesia sphenops; Gambusia modesta; Gambusia plumbea; Girardinus vandepolli; Lembesseia parvianalis; Platypoecilus mentalis; Platypoecilus spilonotus en vele ander.
De talrijke synoniemen zijn te wijten aan de vele verschijningsvormen qua kleurpatroon en vinformule.
NEDERLANDSE NAAM:
MAXIMALE GROOTTE: man 8cm, vrouw 10cm
GESLACHTSONDERSCHEID: de man bezit een gonopodium
HOUDBAARHEID: de vissen verlangen licht brak water (1 tot 5g/L NaCl), een ruime bealgde en van dichte randbeplantrng voorziene bak. Ook mogen talrijke schuilplaatsen en drijfgroen niet ontbreken.
DIERENRIJK
Z h XXIV 11
       
Milieu Aquarium Kweek
Zuurtegraad pH 7,5 - 8,2
Totale hardheid °DH 11 - 30
Temperatuur °C 18 - 30 26 - 28
Geleidbaarheid µS
VERSPREIDING: Van Texas tot Columbia en Venezuela
Kaart voorkomen
BIOTOOP: vanaf Texas (U.S.A.) tot Columbia en Venezuela. Heeft een duidelijke voorkeur voor de bovenloop van de rivieren. Watertype of begroeiing zijn daarbij volstrekt onbelangrijk.
GEDRAG: zeer vreedzaam. Bij voldoende schuilmogelijkheden blijft ook het jagen beperkt
VOEDSEL: algen, groen- en droogvoer, tabletten. Algen en groenvoer kunnen vervangen worden door een mengsel dat fijngewreven havermout bevat. Voor volwassen dieren als afwisseling levend voer. Zeer jonge dieren stikken wel eens in muggenlarven.
KWEEK: de drachtigheidsvlek verschijnt, bij deze soort, slechts kort voor het afzetten en kan zelfs totaal ontbreken. Afhankelijk van de voeding en haar grootte en ouderdom zet het vrouwtje na vier tot zes weken 20 ŗ 150 jongen af. Kleur en tekening van de nakomelingen laat wel eens te wensen over. Na ongeveer vijf maand zijn de dieren geslachtsrijp. Het verdient aanbeveling om de geslachten vroeg te scheiden en zeker de vrouwtjes afzonderlijk te laten opgroeien.
BIJZONDERHEDEN: er bestaan melanistische kweekvormen zoals "Black Molly", "midnight of hoogvinmolly", "lierstaartmolly" plus diverse kruisingen tussen voornoemde bastaarden. Ze leven minder lang dan de wildvorm en bekomen witte vlekken overgaand in zweren als het zoutgehalte te laag is.
Bewerkt door:
Femand Verbeeck, juli/augustus 1998
Laatst bijgewerkt op: 10-02-2015
   naar Aquariumwereld Delen - Mailen - Bewaren
AANGEBODEN DOOR
AQUARIUMWERELD
UW MAANDBLAD VOOR AQUARIUM- EN TERRARIUMKUNDE